Dagtour Regionaal Park La Brenne

geschreven door Pim op

Een dagtour door Regionaal Park La Brenne, op een uur rijden van Poitiers, laat ons kennis maken met de mogelijkheden voor vermaak in dit natuurpark. Het leert ons ook het één en ander over de streek die bekend staat als “het land van de duizend meren”. We ontdekken gelegenheden voor een langer verblijf met de camper.

Op een roadtrip door Frankrijk van het centrale deel naar de westkust, sturen we aan op het Regionaal Park La Brenne, gelegen op zo’n 800 kilometer van Nederland en een goede bestemming voor natuurliefhebbers. We doorkruisen het park van oost tot noordwest en zien zo een doorsnede van het aanbod voor toeristen, waaronder veel mogelijkheden om te fietsen en wandelen, vogels en dieren te spotten en meer te leren over de streek en het gebruik van het land, nu en vroeger.

Fietsen over de “Voie Verte”

De camper parkeren we direct na binnenkomst in Regionaal Park La Brenne bij Rivarennes, een klein plaatsje aan de rivier de Creuse. Net voor de brug is een gratis parkeerplaatsje waar we kunnen overnachten. Diezelfde middag gaan we nog fietsen. We fietsen een stuk over de “Voie Verte”, een oud spoortraject, nu geasfalteerd voor fietsers, van Le Blanc naar Thenay en verder, tot even voor Saint Marcel en Argenton-sur-Creuse waar we de rivier weer stroomafwaarts volgen, om via de D48 weer in tegengestelde richting via het fietspad bij de camper te komen.

Op de heenweg richting het oosten is het fietspad vals plat, terwijl het gestaag klimt tegen het verval van de rivier. Toch fietsen we zonder veel moeite al snel hoog boven de rivier, over oude spoorbruggen die mooie uitzichten bieden. We zien ook het voormalig station van Saint Gaultier, waar onder begroeiing nog een perron valt te ontwaren. Langs de route herinneren oude borden en seinen aan de vroegere functie van het traject. De terugweg, grotendeels heuvelaf is nog relaxter.

Bijeneters spotten

De volgende dag rijden we in etappes langs punten in het park die onze aandacht trekken. Als eerste zoeken we een kolonie van bijeneters waarover we online lazen. We komen na wat zoeken dichtbij genoeg om het geluid van de vogels te herkennen. Dat leidt ons naar een plek langs de rivier waar we aan de overzijde uitkijken op een zanderige oever met kleine holletjes. De bijeneters vliegen af en aan om hun jongen te voeden. Het is een mooie show, die schijnbaar voor ons alleen wordt opgevoerd.

Vogelkijkhut bij Étang Massé

De route leidt vervolgens langs Rosnay en de enorme radiomasten van de Franse marine, opgesteld daar vlakbij. Ze zijn in gebruik voor communicatie met onderzeeërs via lange golf radio. Driedubbele hekken verhinderen de toegang, voorzien van camerabewaking. Foto’s maken is verboden en satellietfoto’s van de basis zijn onduidelijk gemaakt. Verder noordwaarts rijden we langs Etang de Foucault naar Etang Massé. Een grote parkeerplaats ligt daar dichtbij een vogelkijkhut, die uitkijkt over het meertje en zo verdekt de gelegenheid geeft om vogels te spotten. Daar komen meer mensen op af, dus we kunnen niet al te lang van het uitzicht genieten of veel vogels zien.

Omdat de tijd ook vliegt gaan we op zoek naar een plek om te overnachten. Op de Park4Night app zien we voldoende gratis gelegenheden en we rijden er een aantal af om op een plekje te komen dat ons aanspreekt. Via Mézières-en-Brenne, Paulnay en Azay-le-Ferron komen we uit in Martizay. Stuk voor stuk pittoreske dorpjes waar het rustig is op straat op deze warme zomermiddag. We zitten zelf ook even de warmste uren uit in de schaduw, op de gratis camperplaats van het dorpje, compleet met electriciteit, water en toiletten. Het is dan ook niet verrassend dat steeds meer en grote campers aanrijden om hier een plekje te bemachtigen.

Om de dag af te sluiten pakken we nog eens de fiets, voor een grotendeels vlak rondje langs Michel-en-Brenne. Zo zien we meer van de “pisciculture”, Frans voor visteelt, waar de streek om bekend staat en dat de aanwezigheid van de vele meren verklaart. De meren worden ten dele kunstmatig in stand gehouden om vissen te kweken. In dit gebied is dat goed voor zo’n 3 miljoen euro omzet per jaar. Het is interessant om te zien dat in dit park de benutting van het land en water voor visteelt, veeteelt, akkerbouw, bosbouw en jacht tot een schakering van landschapstypen leidt waarin allerlei dieren een plekje vinden. We zien vanaf de fiets zo nog een vosje, een ree, haasjes en verschillende vogels. Als we 30 kilometer rond zijn kunnen we een fijne nacht in de camper tegemoet zien.

Let op: Je gebruikt een oude browser met beveiligingsrisico's waarin deze website niet goed werkt.
Gebruik Chrome of kijk op Browse Happy om een nieuwe browser te installeren.