Scootertrip rond Hanoi

geschreven door Pim op

Het is de gewoonste zaak van het land om een scooter te huren in Vietnam. Officieel heb je een rijbewijs nodig, maar daar wordt niet om gevraagd. Voor $10 per dag huurden wij drie dagen een scooter en reden zo’n 200 kilometer rond ten westen van Hanoi.

In de steden is het een stuk drukker dan daarbuiten. In Hanoi zijn ontelbaar veel scooters die je links- en rechtsom inhalen. Voor ons was er één belangrijke regel: als het rood is, mag je niet naar rechts. Of je wel rechtdoor mag blijft een beetje een raadsel. Sommige Vietnamezen stoppen, anderen rijden door. Wij volgden maar zo’n beetje. Vrolijk meetoeterend natuurlijk.

Buiten de stad kom je vanzelf op de snelweg terecht. We tuffen een groot vierbaansviaduct op en worden niet meer rechts ingehaald doordat we, enigszins geïntimideerd en relatief zachtjes, helemaal rechts rijden. Voor Nederlandse begrippen rijden we op de vluchtstrook, maar hier is het, als spitsstrook, altijd in gebruik, incidenteel ook door een tegenligger, die blijkbaar de andere kant op moest. Het is voor ons wel zo handig om daar lekker te blijven rijden, de scooter wil nog wel eens uitvallen en dan moet je hem, uitrollend, even opnieuw starten.

Rond het Ba Vi National Park, waar we de eerste dag heen reden, zijn wel wat hotels te vinden. Het helpt wel als je de goede kant op rijdt. Wij waren weliswaar gewapend met een kaart van Hanoi en omstreken (te koop bij de Bookstore in Hanoi), maar verdwaald raken bleek eenvoudig, vooral door het gebrek aan duidelijke borden. Ben je de weg kwijt, verwacht dan niet dat een Vietnamees je op de kaart aanwijst waar je nu bent, dat lijken zij evenmin te weten. Ze kunnen je wel wijzen waar je heen moet en precies hoeveel kilometer dat nog is, als je een herkenbaar doel kan opgeven.

We rijden heel wat verkeerd en komen daarmee op leuke plaatsen. Noem het boerenerven, het waren in ieder geval kleine weggetjes die doodliepen op het meer waar we omheen probeerden te komen. Op het stoffige beton liggen plakjes van een soort plantwortel te drogen en honden te slapen. De kippen stuiven alle kanten op als we ze bijna overrijden. Aan het eind van zo’n weg eten we een fruitje met uitzicht over het meer. In de verte roeien locals met hun rieten kegelvormige hoeden. Dichtbij zien we een fuik tussen de waterlelies, waarschijnlijk voor kikkers. In de aangemeerde kano’s staan emmers met vers gevangen waterslakken.

De Lonely Planet heeft weinig te melden over dit gebied. Meren als hierboven (Hồ Suối Hai) zijn volgens onze kaart wel toeristische attracties, maar zijn blijkbaar vooral voor Vietnamezen bedoeld. We zien kleine groepjes barbequeën en vissen op mooie plekjes langs het water. Leuk natuurlijk, maar voor ons geen enkel aanknooppunt om een hotel te vinden. In Son Tay stranden we, net voordat het donker wordt, met goed geluk op de stoep van een hoteleigenaresse. Dat hadden we niet durven hopen. Er zit echter een addertje onder het gras en het duurt even voordat we dat beseffen.

De kamer die we getoond krijgen ziet er prima uit en we knikken goedkeurend naar de eigenaresse. Zij lijkt ons het liefst zo snel mogelijk met rust te willen laten en trekt al bijna de deur dicht voordat we het eens kunnen worden over een prijs. 70.000 Dong, 1h, schrijft ze voor ons op. We gebaren dat we willen slapen. 200.000 Dong voor een nacht, prima, da’s goedkoop. Opgelucht sluit de eigenaresse de deur.

Het kwartje valt als we vijf minuutjes in de kamer zijn. Eigenlijk best raar dat er een supergrote spiegel naast het bed hangt. En wat voelt die matras raar. Er ligt een leren matje onder het hoeslaken. Okee, we zijn in een pornohotel..

We blijken gelukkig de enige te zijn, een goede zaak want het gebouw is best gehorig. Een deur verder kunnen we ons buikje rond eten, al skippen we de kippenpoot waar de klauwen tot en met de nagels nog aan zitten. We slapen prima en stappen opgelucht weer op de scooter voor de rit terug naar Hanoi. Dit keer niet over de grote, maar juist over wat kleinere wegen, langs de Red River.

We passeren veel bruggen, of bouwplaatsen voor bruggen, op de route naar Hanoi. Kleine dorpjes daartussen, waar hard gewerkt wordt en toerisme duidelijk niet de bron van inkomsten vormt. Voorbijgangers op scooters en tegenliggers op fietsen roepen vrolijk “Hello!” en, wijzend, “Hanoi!”; we zitten op de goede weg. Bij een uitgaande school moeten we ons een weg door de scholieren banen, die dat natuurlijk prachtig vinden. Ook wij lachen om al die aandacht. Gaandeweg wordt het drukker en wordt het uitzicht ons ontnomen door bebouwing. We zijn weer terug in de grote stad, maar hebben onwijs genoten van de pure vrijheid die je hebt op een scooter buiten de gebaande wegen.

Blijf op de hoogte!

Ontvang een wekelijkse e-mail met de laatste blogberichten

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Reacties

    Jerry
    11 november 2013 om 07:22 uur

    Haha geweldig waar je wel niet terecht komt 😉

    Wieke
    11 november 2013 om 16:30 uur

    Hihi, ook weer eens een leuke ervaring overnachten in een pornohotel 😉 Leuk om zo jullie verhalen te lezen over Vietnam. Toevallig heb ik gister…

    Lees meer
      12 november 2013 om 05:10 uur

      He Wiek, Wat leuk dat je naar Danang gaat. Wat ga je voor vrijwilligerswerk doen? En wanneer ga je erheen? Wij nemen toevallig vanavond de…

      Lees meer
    Gonda
    11 november 2013 om 16:54 uur

    Mooi verhaal en inderdaad erg leuk zo tussen de locals en eigen baas kunnen zijn op de scooter.

    Joke van Raamsdonk
    11 november 2013 om 22:05 uur

    Weer ‘n geweldig leuk verhaal! Veel groetjes

    Elien
    13 november 2013 om 23:31 uur

    Hihi, blijft een mooi verhaal van dat hotel 🙂

Reageer of stel een vraag

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Verplicht voor reageren.

Let op: Je gebruikt een oude browser met beveiligingsrisico's waarin deze website niet goed werkt.
Gebruik Chrome of kijk op Browse Happy om een nieuwe browser te installeren.