Slapen bij de Mount Everest

Als we aan komen rijden, trekken de wolken weg en komt het topje van de Mount Everest tevoorschijn. Vanuit ons busje maken we gauw wat foto’s. Je weet het namelijk nooit met het weer. Beetje bij beetje komen we dichterbij en kunnen we genieten van het uitzicht op de hoogste berg van de wereld.

Een tiental kilometer voor het tenthotel van de Mount Everest breekt de schokdemper van onze bus en moeten we stapvoets verder gaan. We hobbelen wat heen en weer, maar na uren rijden worden we beloond. We zien het dak van de wereld! Natuurlijk stopt onze chauffeur op een plekje waar we mooi uitzicht hebben op de Everest. We stappen uit en maken talloze foto’s. We poseren zittend en staand naast de berg en ook onze medereizigers schieten aardig wat foto’s. Dan wordt het tijd om verder te rijden naar het tenthotel.

Eenmaal aangekomen bij het tenthotel krijgen we ‘onze’ tent toegewezen. De tenten lijken op de nomadententen die we onderweg tegen zijn gekomen. In het midden steekt een pijp uit waar volop rook uit komt. Binnen wordt het vuur aangemaakt. We nemen allemaal plaats op de slaapbanken en moeten wennen aan de hoogte. Ademen gaat moeilijker en de hoofdpijn is erger geworden.


In onze tent wordt rijst voor ons gemaakt. Pim voelt zich totaal niet lekker, maar wil ook geen zuurstof uit de flessen nemen. Hij heeft moeite om een half bord fried rice (zijn lievelingseten!) op te eten.

Onze driver en gids zijn ondertussen bezig om de kapotte schokdemper te lassen. ’s Avonds wordt het kouder en zitten we dicht bij de kachel. Af en toe lopen we even de tent uit om naar het mooie uitzicht te kijken tijdens de zonsondergang.

Dan wordt het tijd om te gaan slapen. Met thermokleding aan kruipen we onder de dikke dekens die het tenthotel biedt. Heerlijk warm. Als ik na een paar uur wakker wordt om te gaan plassen, maak ik Pim wakker. Het is donker en we lopen voorzichtig naar buiten. De wind suistdoor het dal heen, de maan schijnt op de Mount Everest en achter de berg zien we onweersflitsen. Wat een uitzicht. Het is onwijs koud, we plassen even heel snel en kruipen snel weer ons bed in. Maar wat was het gaaf om zo ’s nachts ‘naast’ de Mount Everest te plassen.

Als we ’s ochtends wakker worden ligt Pim te hijgen in zijn bed. Hij heeft de hele nacht moeite gehad met ademhalen en hij voelt zich niet lekker. Na een pannenkoek als ontbijt rijden we met een bus naar het echte basecamp van de Mount Everest. We lopen hijgend een heuvel op en zien niks van de berg; het is bewolkt. De plek waar de echte beklimmers hun tent drie dagen opzetten zien we wel. Respect voor deze mensen.


We gaan gauw weer terug naar het tenthotel om daarna met ons busje op weg te gaan naar de volgende bestemming. Na een uurtje in de auto voelt Pim zich niet beter, dus besluit hij toch om wat zuurstof te nemen. En ja hoor, het werkt! Het hijgen wordt minder en hij voelt zich wat beter worden. Met een onwijs gave herinnering rijden we verder om wat dichterbij de grens met Nepal te komen.

Let op: Je gebruikt een oude browser met beveiligingsrisico's waarin deze website niet goed werkt.
Gebruik Chrome of kijk op Browse Happy om een nieuwe browser te installeren.